In dit artikel zullen we dieper ingaan op het onderwerp Dikke darm en de oorsprong, implicaties en relevantie ervan vandaag onderzoeken. Vanaf het begin tot aan de evolutie ervan in de loop van de tijd heeft Dikke darm een fundamentele rol gespeeld op verschillende gebieden, met een aanzienlijke impact op de samenleving, cultuur en economie. Langs deze lijnen zullen we ons onderdompelen in een gedetailleerde analyse van Dikke darm, de meest relevante aspecten ervan ontrafelen en een breed en compleet perspectief bieden op dit onderwerp dat niemand onverschillig zal laten.
Dikke darm | ||||
---|---|---|---|---|
Intestinum crassum | ||||
![]() | ||||
Het maag-darmstelsel bij de mens.
1. slokdarm, 2. maag, 3. dunne darm, 4. appendix, 5. blindedarm, 6. colon ascendens (rechterzij), colon transversum (horizontaal), colon descendens (linkerzij), 7. endeldarm, 8. anus | ||||
Gegevens | ||||
Orgaanstelsel | Spijsverteringsstelsel | |||
|
De dikke darm,[1] of intestinum crassum[2] is het gedeelte van de darmen dat via de klep van Bauhin volgt op de dunne darm.
In de dikke darm worden voedselresten in het lichaam opgenomen die de dunne darm niet heeft kunnen verwerken. Dit is bijvoorbeeld het geval bij bestanddelen die niet de juiste vorm hebben of die eerst nog moeten worden afgebroken door darmbacteriën. Er wordt vooral veel water met voedingszouten geabsorbeerd.
De onverteerbare resten komen ten slotte terecht in het laatste gedeelte van het spijsverteringskanaal, de endeldarm (het rectum).
De lagen van de dikke darm zijn van binnen (lumen) naar buiten:
De dikke darm is gekenmerkt door zijn haustraties. Dit zijn plooien die de darm langs de buitenzijde om de paar centimeter lijkt in te snoeren. Aan de binnenzijde zien we dat deze haustraties de plicae semilunares coli vormen, een soort halvemaanvormige flapjes die ter hoogte van elke haustratie drie plicae vormen en zo de indruk geven dat de darmholte (lumen) driehoekig is.
In de dikke darm bevinden zich zeer veel bacteriën die de laatste afbraak doen van de stoffen die zich op dat moment in de darm bevinden. Zij zorgen voor de omzetting van urobilinogeen tot stercobiline, de bruine galkleurstof die aan de ontlasting de bruine kleur geeft. Tevens produceren darmbacteriën vitamine K dat nodig is voor de aanmaak van stollingsfactoren.
Het is ook vooral in de dikke darm dat het water uit de laatste afvalresten wordt gehaald en in het lichaam wordt opgenomen. De pH-waarde in de colon ligt tussen 5,5 en 7 (licht zuur tot neutraal).
De dikke darm kan op verschillende manieren worden onderzocht: