Dit artikel gaat in op de kwestie van Jan I van Polanen, die vandaag de dag van het grootste belang en relevantie is. Jan I van Polanen is op verschillende gebieden onderwerp van debat en analyse geweest, omdat de invloed ervan verschillende aspecten van het dagelijks leven beïnvloedt. Door de geschiedenis heen is Jan I van Polanen een bron van interesse geweest voor onderzoekers, specialisten en enthousiastelingen, die tijd en moeite hebben gestoken in het begrijpen van de betekenis en reikwijdte ervan. In die zin wil dit artikel de vele facetten en dimensies verkennen die Jan I van Polanen omringen, en een brede en evenwichtige visie bieden die de lezer in staat stelt zich te verdiepen in de complexiteit en relevantie ervan vandaag de dag.
Jan I | ||
---|---|---|
1285–1342 | ||
Heer van de Lek en Polanen | ||
Periode | 1306–1342 | |
Voorganger | Philips II | |
Opvolger | Jan II van Polanen | |
Vader | Filips III van Duivenvoorde | |
Moeder | Elisabeth |
Jan I van Polanen (Wassenaar, 01 september 1282 – Monster, 26 september 1342) was vanaf 1326 pandheer van de Lek en vanaf 1339 pandheer van Breda. Hij is de stamvader van de zijtak-Polanen uit het huis Wassenaer. Hij woonde op het stamhuis Polanen bij Monster (Zuid-Holland).
Hij was de zoon van Filips III van Duivenvoorde. Misschien ten onrechte wordt als zijn moeder vaak opgegeven Elisabeth, vrouwe van Vianen, Elisabeth (Liesbeth) van Beusinchem - Vianen, geboren 17 maart 1250, overleden 21 oktober 1330, Gravin van Strijen en vrouwe van Polanen (1295-1307). Ze trouwde in 1290 in Leiden.
Jan I van Polanen was een halfbroer van Filips' buitenechtelijke zoon Willem van Duivenvoorde. Jan wordt voor het eerst vermeld in een bron uit 1305.
Tussen 1307 en 1309 en erfde Jan van Polanen van zijn vader het huis en goed te Polanen (Monster). Hij wist zijn bezit in het Westland uit te breiden met een molen te Monster (1311), met tienden aldaar (1322), en met tienden onder Delft, Maasland en Schipluiden (1324). Ook elders had hij bezittingen; zo verkreeg hij van Wouter van Haarlem het Broek te Zoeterwoude (tegenwoordig polderpark Cronesteyn bij Leiden).
In 1328 was hij aanwezig bij de Slag bij Kassel onder de graaf van Vlaanderen (Lodewijk II van Nevers). In het jaar erop (in maart 1329) werd hij tot ridder geslagen.
Na het overlijden van zijn rijke halfbroer Willem van Duivenvoorde, erfde Jan I zijn burcht te Geertruidenberg.
Hij werd in 1331 tot baljuw van Woerden benoemd, in 1331 en 1336 baljuw van Rijnland, en in 1339 baljuw van Kennemerland en West-Friesland.
Samen met zijn zoon Jan II van Polanen (1324–1378) pandde Jan I vanaf 9 december 1339 van hertog Jan III van Brabant de heerlijkheid Breda, waarvan zijn halfbroer Willem het vruchtgebruik kreeg. Zijn zoon Jan II van Polanen kocht de heerlijkheid Breda in 1353 en liet er het kasteel van Breda bouwen. Jan II van Polanen gaf ook opdracht om een muur op te trekken rond Breda om de stad te beschermen tegen aanvallers[1].
Jan I van Polanen overleed in 1342 en werd te Monster in de kerk begraven[2].
Jan I van Polanen huwde in 1322 met Catharina van Brederode (ovl. 1372), dochter van Dirk II van Brederode (ovl. 1318), en is de overgrootvader van Johanna van Polanen. Ze kregen minstens vijf kinderen.
Heer van Strijen, Drimmelen, Polanen, Niervaart, Geertruidenberg, Castricum en Heemskerk.
Baljuw van Woerden, Rijnland, Kennemerland en Westfriesland