In dit artikel gaan we dieper in op het onderwerp Wereldtentoonstelling van 1905 en verkennen we de verschillende facetten ervan. Wereldtentoonstelling van 1905 is een onderwerp dat de afgelopen tijd de aandacht van veel mensen heeft getrokken, en het is een onderwerp dat tegenstrijdige meningen genereert. In dit artikel zullen we verschillende perspectieven op Wereldtentoonstelling van 1905 onderzoeken, van de impact ervan op de samenleving tot de invloed ervan op de populaire cultuur. We zullen ook de relevantie ervan onderzoeken in verschillende contexten, zowel historisch als hedendaags. Door deze gedetailleerde analyse hopen we een completer beeld van Wereldtentoonstelling van 1905 te geven en een diepere reflectie over dit onderwerp te genereren.
EXPO 1905 Luik | ||
---|---|---|
BIE-classificatie | Universele tentoonstelling | |
Naam | Exposition Universelle et Internationale de Liège | |
Bouwwerk | Palais de Beaux Arts | |
Aantal bezoekers | 7 mln. | |
Deelnemers | ||
Aantal landen | 29 | |
Ligging | ||
Land | ![]() | |
Locatie | Parc de la Boverie | |
Coördinaten | 50° 38′ NB, 5° 35′ OL | |
Data | ||
Openingsdatum | 25 april 1905 | |
Sluitingsdatum | 6 november 1905 | |
Universele tentoonstellingen | ||
Vorige | Louisiana Purchase Exposition in St. Louis | |
Volgende | Wereldtentoonstelling van 1906 in Milaan |
De Wereldtentoonstelling van 1905 – Exposition Universelle et Internationale de Liège – was de wereldtentoonstelling die te Luik werd gehouden van 27 april 1905 tot 6 november.[1] Het Bureau International des Expositions heeft de tentoonstelling achteraf erkend als de 15e universele wereldtentoonstelling. De tentoonstelling viel samen met de viering van 75 jaar Belgische onafhankelijkheid en 40 jaar koningschap van Leopold II. Daarnaast wilde men ook de industriële bloei van België en de stad Luik tonen.
Er deden in totaal 29 landen mee uit vijf continenten:
Duitsland en Spanje waren officieel geen deelnemers, maar waren wel vertegenwoordigd.
Het Nederlandse paviljoen was ontworpen door Willem Kromhout en door het ontbreken van overheidssteun bescheiden van omvang. Het kwam geheel tot stand door particulier initiatief.[2]
Onderdeel van het Franse paviljoen was een etnologische tentoonstelling ("menselijke dierentuin"), bestaande uit een nagebouwd Senegalees dorp, waar bezoekers muntstukken in het water konden gooien om te laten opduiken.
Op het tentoonstellingsterrein was een Decauville-spoorweg aangelegd, die de verschillende paviljoens en attracties met elkaar verbond. Een bijzonder onderdeel van de tentoonstelling was Vieux-Liège, een nagebouwd stukje binnenstad van Luik met onder andere een toren van de Sint-Lambertuskathedraal en een modelsteenkolenmijn.
Jean-Pierre Radoux schreef de openingsmuziek, samen met Jules Sauvenière die voor de tekst zorgde. Dit resulteerde in de Cantate pour l'inauguration de l'Exposition universelle de Liège, 1905
De wereldtentoonstelling was voor de gemeente Luik aanleiding om enkele grootscheepse infrastructurele werken uit voeren. Zo werden de kades langs de Maas verbeterd, enkele boulevards aangelegd, vier bruggen gebouwd (de Pont de Fragnée, de Pont de Fétinne, de Pont des Vennes en de Passerelle Mativa) en werd het station Luik-Sint-Lambertus (voorheen: Liège-Palais; in 1979 vervangen) vernieuwd. Verder werd tussen de twee eerstgenoemde bruggen een pompeus monument voor de Luikse ingenieur Zénobe Gramme opgericht.
Het Paleis voor Schone Kunsten van Luik is eveneens een overblijfsel van de wereldtentoonstelling dat aan de stad werd geschonken. Van 1980 tot 2013 was er het Museum voor moderne en hedendaagse kunst gevestigd. Het paleis herbergt sinds 2016 het museum La Boverie.