In de wereld van vandaag is Wereldtentoonstelling van 1910 voor velen een interessant onderwerp geworden. Of het nu vanwege zijn historische relevantie, zijn impact op de hedendaagse samenleving of simpelweg zijn populariteit onder verschillende groepen is, Wereldtentoonstelling van 1910 heeft de aandacht getrokken van mensen van alle leeftijden en achtergronden. In dit artikel zullen we de vele facetten van Wereldtentoonstelling van 1910 diepgaand onderzoeken en het belang ervan in de huidige context bespreken. Vanaf de oorsprong tot de evolutie ervan in de loop van de tijd, inclusief de invloed ervan op verschillende gebieden van het dagelijks leven, zullen we in een gedetailleerde analyse duiken die ons in staat zal stellen het belang van Wereldtentoonstelling van 1910 vandaag de dag volledig te begrijpen.
EXPO 1910 Brussel | ||
---|---|---|
![]() | ||
Affiche voor de Wereldtentoonstelling van 1910
| ||
BIE-classificatie | Universele tentoonstelling | |
Naam | Exposition Universelle et Internationale | |
Oppervlakte | 88 hectare | |
Aantal bezoekers | 13 mln | |
Deelnemers | ||
Aantal landen | 26 | |
Ligging | ||
Land | ![]() | |
Locatie | Solbos, Jubelpark, Tervuren | |
Coördinaten | 50° 49′ NB, 4° 23′ OL | |
Data | ||
Openingsdatum | 23 april 1910 | |
Sluitingsdatum | 1 november 1910 | |
Universele tentoonstellingen | ||
Vorige | Wereldtentoonstelling van 1906 in Milaan | |
Volgende | Wereldtentoonstelling van 1911 in Turijn |
De Wereldtentoonstelling van 1910 (Exposition Universelle et Internationale) was een wereldtentoonstelling die werd gehouden te Brussel van 23 april tot 1 november 1910.[1] Het Bureau International des Expositions heeft deze tentoonstelling achteraf erkend als de 17e universele wereldtentoonstelling.
De terreinen en gebouwen waren deels gelegen rond de wijk Solbosch (in de zuidelijke uitbreiding van Brussel) en deels in het Jubelpark (restant van de Wereldtentoonstelling van 1897), waar de kunsttentoonstelling plaatsvond.[2] De koloniale tentoonstelling vond plaats in het pasgebouwde Paleis der Koloniën in Tervuren. In het centrum van Brussel werd de Kunstberg aangelegd. Het park met een monumentale trapgang, voorzien van fonteinen, watervalletjes en beeldhouwwerken, gold als een van de attracties van de Wereldtentoonstelling.[3] De meeste gebouwen werden door de verbrusseling in de jaren 60 en 70 van de 20e eeuw afgebroken.
Door een brand op 14 en 15 augustus werden verscheidene paviljoenen vernield.[4][5] Een deel van de Belgische en Franse secties werden vernield, maar het zwaarst getroffen was de Engelse sectie. Ook werden alle attracties van het Luna-Park en Brussel Kermis vernield. Na de brand werden sommige vernielde delen van de tentoonstelling in sneltempo heropgebouwd.
De Franse sectie telde meer dan 10.000 exposanten en was verspreid over 80.000 m², waaronder tuinen en paviljoenen van de Franse kolonies met een Senegalees dorp. Het Duitse paviljoen werd ontworpen door de Deutscher Werkbund en binnenin werd in veertig zalen het beste van de Duitse design tentoongesteld. Er was ook een paviljoen van de wettelijke bescherming van arbeiders op de Wereldtentoonstelling.[6]
De Zwitserse kunstschilderes Martha Stettler won op deze wereldtentoonstelling met haar werk een medaille.[7]